Architectuur

Tadao Ando is 84 en bouwt door alsof hij dertig is

· 5 min leestijd

Tadao Ando heeft geen alvleesklier meer, geen galblaas, geen milt, geen twaalfvingerige darm en geen galkanaal. De Japanse architect is 84 jaar oud en heeft net zijn tiende gebouw op Naoshima opgeleverd. Wie deze week iets las over architectuur dat indruk maakte, kwam zijn naam waarschijnlijk weer tegen.

Een eiland dat Ando zelf bedacht

Naoshima is een klein eiland in de Japanse Binnenzee. Tot eind jaren tachtig nauwelijks bekend, vandaag een internationale bestemming voor iedereen die om hedendaagse kunst en architectuur geeft. Dat is voor een groot deel het werk van Soichiro Fukutake, de uitgeverijmiljardair achter Benesse, en van Ando, die er sinds 1992 het ene gebouw na het andere neerzet. Het Naoshima New Museum of Art is zijn tiende. Een recent profiel in Cultured Magazine vatte het samen: hij werkt alsof hij ergens nog twintig jaar voor zich heeft.

Het gebouw zelf zit grotendeels onder de grond. Twee verdiepingen verzonken in een heuvel boven het Honmura-district, één laag boven het maaiveld die zo onnadrukkelijk mogelijk in het landschap probeert op te gaan. Zwart pleisterwerk, een muur van gestapelde keien, een café met uitzicht op vissersboten en het buureiland Teshima. Wie Andos eerdere werk op Naoshima kent (Chichu Art Museum, Lee Ufan Museum, het Benesse House Hotel) herkent meteen wat er gebeurt: hij wil zo min mogelijk in het zicht en zo veel mogelijk in het beton.

Bokser, vrachtwagenchauffeur, autodidact

Ando heeft nooit architectuur gestudeerd. Hij is geboren in 1941 in Osaka, opgevoed door zijn grootmoeder, kortstondig professioneel bokser, daarna chauffeur. Op zijn 24e stapte hij op de Trans-Siberië-Express en reisde dwars door de Sovjet-Unie, Finland, Zweden, Frankrijk en Italië. Hij kocht boeken, tekende kerken na, leerde Le Corbusier kennen via reproducties. In 1969 begon hij gewoon zijn eigen bureau in Osaka. In 1995 kreeg hij de Pritzker, de hoogste prijs in het vak. De Wikipedia-pagina zet zijn werk netjes op een rij voor wie het hele oeuvre wil overzien.

Dat verhaal is in vakkringen al lang bekend. Maar het verklaart wel waarom zijn werk zo direct aanvoelt. Hij is niet getraind om compromissen te sluiten met opdrachtgevers, met aannemers, met decennia aan academische conventies. Hij heeft één idee (kaal beton, daglicht, leegte) en herhaalt dat onverschrokken sinds vijftig jaar.

Vijf organen minder, ambitie onveranderd

In 2015 vertelde Ando voor het eerst publiek dat artsen vijf organen bij hem hadden weggehaald vanwege kanker. Hij weegt nog rond de vijftig kilo. Hij eet kleine porties, vaak. Hij werkt nog elke dag op zijn bureau in Osaka. In het Cultured-interview zegt hij dat hij geen tijd heeft om achterom te kijken. Voor een architect die hele bouwlocaties in beton laat gieten klinkt dat bijna programmatisch.

Het is ook geen pose. Naast Naoshima loopt zijn nieuwe project voor de Pinault-collectie in Parijs, heeft hij zijn handtekening gezet onder Wrightwood 659 in Chicago, het Casa Wabi-park aan de kust van Mexico en het Maritime Museum in Abu Dhabi. Voor iemand die geen alvleesklier en geen milt meer heeft is dat een bizarre productie.

Waarom dit voor Nederlandse architectuur ertoe doet

Op het eerste gezicht hebben Osaka en Amsterdam weinig met elkaar te maken. Toch is Andos invloed in Nederland groter dan zijn naam doet vermoeden. Studio's als Studioninedots werken openlijk met dezelfde aandacht voor licht, leegte en harde materialen. Bjarke Ingels' nieuwe villas in Japan zijn een directe omgang met dezelfde traditie. Kengo Kuma's recente werk in Frankrijk beweegt in de tegenovergestelde richting (warm, houten, geveerd) maar moet zich nog steeds tot Ando verhouden, omdat Ando de toon zette.

En dan is er de leeftijd. Peter Zumthor leverde dit jaar zijn LACMA op, in zijn tachtigste levensjaar. Frank Gehry werkt op zijn 96e nog aan zijn grootste museum ooit. Architecten van deze generatie weigeren simpelweg met pensioen te gaan. Wie hun werk wil begrijpen moet beseffen dat het project waaraan ze nu bezig zijn vaak het laatste is, en dat ze dat zelf ook weten.

Wat dit betekent voor wie nu een huis bouwt

De les van Ando voor wie thuis aan een verbouwing of nieuwbouw begint is niet "giet alles in beton". Het is iets prozaïschers. Een kleine reeks principes (licht, leegte, één oprecht materiaal) consequent toepassen levert in vijftig jaar meer op dan elke vijf jaar van stijl wisselen. Andos huizen uit de jaren tachtig staan er nog steeds bij alsof ze gisteren zijn opgeleverd. Modes komen en gaan. Een kale betonnen muur waar in de namiddag licht over valt, doet dat niet.

Voor wie naar Japan reist staat het Naoshima New Museum of Art gewoon open. Voor wie thuisblijft: kijk eens kritisch naar de hoeveelheid materialen in je woonkamer. Drie of vier in plaats van twaalf. Dat is het idee. Dat is wat een 84-jarige met vijf organen minder je elke dag opnieuw probeert duidelijk te maken.

V
Geschreven door Vera Hendriksen Interieur redacteur

Vera studeerde interieurarchitectuur in Eindhoven en ontwikkelde daar een zwak voor Scandinavisch design dat inmiddels meer een obsessie is. Ze kan uren praten over de juiste kleurtemperatuur van een lamp en heeft haar eigen woonkamer al zeven keer opnieuw ingericht, telkens met het excuus dat het vorige concept niet meer bij haar paste. Haar kat, die bij elke verbouwing weer een nieuw favoriete plekje moet zoeken, vindt dat aanzienlijk minder leuk dan zij. Tussen het herinrichten door schrijft ze artikelen over woontrends die ze zelf ook daadwerkelijk toepast, wat haar creditcardafschrift maandelijks bevestigt. Haar guilty pleasure is keukenshowrooms bezoeken zonder koopplannen, puur voor de inspiratie. Collega's noemen haar de enige persoon die oprecht enthousiast kan worden van een nieuw type deurklink.