Wie tussen 1978 en 2016 de weg kwijtraakte in Amsterdam-Zuidoost, kende de Bijlmerbajes vooral van naam. Zes ronde torens met tralies, decennialang het decor van de zwaarste strafzaken van het land. Sinds deze zomer staat op diezelfde plek een gebouw met moswanden, dakterrassen en glazen balustrades. Architectenbureau OMA leverde deze maand The Martin op, het derde woongebouw in het Bajeskwartier, en het is precies het soort transformatie die laat zien waar Nederlandse gebiedsontwikkeling nu naartoe beweegt.
Van cel naar zitkamer
De Penitentiaire Inrichting Amsterdam Over-Amstel, zoals de Bijlmerbajes officieel heette, sloot in 2016 haar deuren nadat de nieuwe gevangenis in Zaanstad de functie overnam. Het Rijksvastgoedbedrijf verkocht het 7,5 hectare grote terrein voor ruim 84 miljoen euro aan ontwikkelaar AM, met OMA, FABRICations en LOLA landscape architects als ontwerpteam. Vijf van de zes gevangenistorens gingen tegen de vlakte, de zesde staat er nog en wordt omgebouwd tot groene toren. Van het sloopmateriaal is 98 procent hergebruikt in de nieuwbouw, van fundering tot gevelsteen.
Het resultaat heet het Bajeskwartier: een wijk met uiteindelijk zo'n 1.350 woningen, verdeeld over koop, vrije huur en sociale huur. Dertig procent van de woningen valt in de sociale sector, wat voor een Amsterdams nieuwbouwproject van dit kaliber niet vanzelfsprekend is. Wikipedia houdt de fasering nauwkeurig bij: de eerste studentenwoningen kwamen er al in 2023, de laatste torens volgen tegen 2030.
The Martin brengt sculptuur naar de wijk
Waar het eerder opgeleverde gebouw The Jay vooral opviel door zijn strakke betonnen huid, kiest The Martin voor een speelsere aanpak. Het gebouw bestaat uit vier in elkaar grijpende volumes die trapsgewijs oplopen, waardoor elke gevel een eigen gezicht krijgt in plaats van vier keer dezelfde plat oogende zijkant. Doorlopende balkons omkaderen het geheel en een aluminium rasterwerk aan de buitenkant geeft het gebouw samenhang, terwijl glazen borstweringen zicht bieden tussen de privéwoningen en het openbare gebied eronder. Precies dat soort gelaagdheid, waarbij een gebouw op elke hoek iets anders laat zien, zie je ook terug bij het nieuwe natuurhistorisch museum in Shenzhen, dat zich juist in het landschap oplost in plaats van erboven te torenen.
Binnen draait alles om een centrale circulatiekern met twee lichtstraten. In die atria hangen wanden vol mos, wat voor een gevangenisterrein een bijna symbolisch gebaar is. Op de zesde en negende verdieping liggen gedeelde dakterrassen met uitzicht over de stad, en op de begane grond zorgen winkels en horeca voor reuring die er onder het oude bewind natuurlijk nooit was.
Appartementen voor starters tot gezinnen
De woningen in The Martin variëren van compacte tweekamerappartementen van ongeveer 50 vierkante meter tot ruime gezinswoningen van 140 vierkante meter met vier kamers. Die spreiding is bewust: het Bajeskwartier moet geen enclave voor één doelgroep worden, maar een wijk waar starters, gezinnen en ouderen naast elkaar wonen. Woningcorporatie de Alliantie regelt het sociale segment elders in de wijk, onder meer in De Vrijheid, een gebouw van Atelier Kempe Thill met een tien meter hoge boom middenin het atrium en hergebruikte onderdelen van de oude gevangenis in de constructie.
Wie meer wil weten over hoe architecten oude gebouwen een nieuw leven geven zonder de geschiedenis weg te poetsen, vindt een vergelijkbaar verhaal in de transformatie van het Rotterdamse postkantoor tot luxehotel. Beide projecten bewijzen dat sloop allang niet meer de standaardoplossing is voor een gebouw dat zijn functie kwijt is.
Waarom dit meer is dan een architectonisch experiment
Amsterdam kampt al jaren met een structureel woningtekort, en juist daarom is het Bajeskwartier interessant. Het is geen losstaand statement zoals een museum met een opvallend dak, zoals de bibliotheek met een dak van gras die eerder dit jaar opende. Het is een antwoord op een acuut probleem: hoe bouw je snel, duurzaam en gemengd op een plek middenin de stad die al infrastructuur, metro en voorzieningen heeft. Voormalige gevangenisterreinen, kantoorparken en industrieterreinen liggen vaak op precies zulke locaties, en ontwikkelaars kijken inmiddels serieus naar wat daar nog te winnen valt in plaats van alleen naar uitleglocaties aan de stadsrand.
Het architectenbureau zelf noemt het Bajeskwartier op zijn eigen projectpagina een poging om van een gesloten, angstaanjagende plek een open en energieneutrale buurt te maken, met ruimte voor moestuinen, waterpartijen en een autoluwe inrichting. Zie voor de volledige ontwerpvisie de projectpagina van OMA.
Wat dit betekent voor de rest van Nederland
Met De Cardinal, het derde en laatste woongebouw, die pas rond 2030 klaar is, staat de wijk nog jarenlang in de steigers. Maar het patroon is al zichtbaar: gebouwen die ooit symbool stonden voor uitsluiting, worden nu ingezet om juist meer mensen een plek te geven. Andere Nederlandse steden met verouderde gevangenissen, kazernes of ziekenhuiscomplexen kijken inmiddels mee. Als het Bajeskwartier over vijf jaar een levendige wijk blijkt in plaats van een architectuurprijs zonder bewoners, dan ligt daar een blauwdruk die verder reikt dan Amsterdam-Zuidoost alleen.