Architectuur

Dit museum zweeft letterlijk boven een park in Los Angeles

· 5 min leestijd

George Lucas droomde twaalf jaar van een gebouw dat niet op een gebouw zou lijken. Sinds 22 september staat het er: het Lucas Museum of Narrative Art in Los Angeles, een massa van ruim 27.000 vierkante meter die eruitziet alsof hij net is neergestreken in Exposition Park. Geen rechte hoeken, geen zuilenrij die je het gevoel geeft een bank binnen te lopen. Gewoon een vloeiende vorm die boven het gras hangt, ontworpen door Ma Yansong van MAD Architects.

Een gebouw dat loskomt van de grond

Het meest opvallende aan dit museum zie je pas als je er voor staat: het rust nauwelijks op de grond. Gebogen stalen liggers van bijna 56 meter lang tillen het grootste deel van het gebouw op, waardoor er onder het publieke plein een soort overkapping ontstaat. Het ontwerp cantilevert ver voorbij de steunpunten, waardoor de indruk ontstaat dat het museum boven het park zweeft in plaats van erop te staan.

Die keuze is niet alleen een vormgrap. Door het gebouw op te tillen, blijft het zicht op het park behouden en blijft de straat op mensenmaat, terwijl de ruimte onder het gebouw gewoon publiek terrein blijft. Vergelijk het met de manier waarop steden tegenwoordig bestaande gebouwen een tweede leven geven: ook hier draait het om een gebouw dat zich aanpast aan de plek, niet andersom.

1271 panelen, geen twee hetzelfde

De gevel bestaat uit meer dan 1271 uniek gevormde panelen van glasvezelversterkt polymeer. Geen enkel paneel is identiek aan het volgende, wat het gebouw het aanzien geeft van een massa die uit één stuk is gesneden in plaats van opgebouwd uit standaardonderdelen. Dat is een heel ander uitgangspunt dan de strakke, herhalende gevels die je bij de meeste kantoortorens ziet.

Het is ook een trend die je steeds vaker terugziet bij ambitieuze projecten: architecten kiezen voor materialen en vormen die een gebouw een eigen identiteit geven in plaats van een anonieme glazen doos. Ook bij de nieuwe terracotta wolkenkrabber in New York zie je diezelfde ambitie om met gevelmateriaal een statement te maken, al kiest dat gebouw voor een heel andere, verticale taal.

Van Chicago naar Los Angeles, een reis van twaalf jaar

Het museum had er heel anders uit kunnen zien, en op een heel andere plek kunnen staan. Ma Yansong en MAD Architects werden in 2014 gekozen voor een locatie in Chicago. Na jarenlang verzet uit de buurt en juridische gevechten viel dat plan uiteindelijk af, net als een eerdere poging in San Francisco. Pas in 2016 landde het project definitief in Los Angeles, op een stuk grond van ruim vier hectare in Exposition Park.

De eerste schep ging de grond in op 14 maart 2018. Vanaf dat moment schoof de opening telkens op, van 2021 naar steeds latere data, tot de deuren dit jaar eindelijk opengingen. Landschapsarchitect Mia Lehrer van Studio-MLA tekende de tuinen rondom het gebouw, terwijl Stantec als uitvoerend architect optrad naast Ma Yansong.

Opvallend is ook wie dit allemaal betaalt. Lucas en zijn vrouw Mellody Hopson financieren het museum vrijwel volledig uit eigen vermogen, zonder gemeentelijke subsidie of publiek geld. Met een geschatte bouwsom van ruim een miljard dollar is dat geen klein gebaar, maar het verklaart ook waarom er geen compromissen zijn gesloten op het ontwerp. Een gebouw dat door de gemeenteraad moet worden goedgekeurd op kostenbasis, krijgt zelden vrijheid om zo'n vorm na te jagen.

Wat je binnen vindt

Binnen is het museum met zijn 35 zalen en in totaal ruim 9.000 vierkante meter expositieruimte vooral bedoeld om verhalende kunst te laten zien: van stripkunst en illustratie tot filmkunst en conceptkunst uit de filmindustrie. De kern van de collectie komt uit Lucas' eigen verzameling, met werk van illustratoren als Norman Rockwell en Maxfield Parrish naast concept art uit zijn eigen films. Daarnaast is er plek voor twee theaters, een bibliotheek, een restaurant, een café, een winkel en gemeenschapsruimtes. Het museum wil nadrukkelijk geen besloten kunsttempel zijn, maar een plek waar mensen ook zonder museumticket naar binnen lopen.

Daarmee voegt het zich bij een rij musea die de afgelopen jaren evenveel aandacht kregen voor hun gebouw als voor hun collectie. Denk aan het Guggenheim Abu Dhabi, het laatste grote werk van Frank Gehry: ook daar is het gebouw zelf het eerste kunstwerk dat bezoekers zien, nog voordat ze een zaal binnenlopen.

Dit zet de toon voor musea die nog moeten komen

Het Lucas Museum laat zien waar grote culturele gebouwen naartoe bewegen: minder nadruk op een statige, ontzagwekkende entree, meer nadruk op een vorm die uitnodigt en verrast. Een museum dat eruitziet als een landschap in plaats van een tempel, met een plein dat voor iedereen toegankelijk is, los van wie er een ticket heeft gekocht.

Voor wie van architectuur houdt, is dit precies het type gebouw waar je een reis voor plant: niet om één kunstwerk te zien, maar om in en onder een gebouw te lopen dat je ergens anders nog niet bent tegengekomen. Mocht je toch zelf nooit naar Los Angeles afreizen, dan is dit wel het gebouw waarnaar je de komende jaren het vaakst zult terugverwijzen als voorbeeld van wat architectuur tegenwoordig kan zijn.

J
Geschreven door Julian Wolters Smart home & vastgoed schrijver

Julian werkt als makelaar in Amsterdam en schrijft in zijn vrije tijd over de woningmarkt, smart home technologie en hoe je je huis slimmer inricht. Zijn eigen appartement is volledig geautomatiseerd: de gordijnen openen bij zonsopgang, de verwarming past zich aan op basis van zijn agenda en zijn koffiezetapparaat start vanuit bed met één commando. Zijn collega-makelaars vinden het overdreven, zijn lezers vinden het briljant. Hij begon met schrijven toen hij merkte dat kopers steeds vaker vragen stelden over domotica en niemand op kantoor daar antwoord op had. Naast technologie schrijft hij eerlijk over de absurditeit van de Amsterdamse huizenmarkt, een onderwerp waar hij dagelijks mee te maken heeft. Zijn meest gelezen artikel ging over hoe je een studio van dertig vierkante meter slim inricht, geschreven vanuit persoonlijke ervaring.